|
Zonder aankondiging knalt er een stuk vuurwerk, tussen de flats galmt de dreun langzaam na. Ik heb het koud gekregen. Te lang stil gezeten, toch blijf ik nog even. Er was een roersel op het water geweest, een tik op de pen en later nog een klein stekertje. Wat heb je meer nodig om de visbeurt nog wat te verlengen? Ik krijg gelijk, paar stootjes en dan gaat dat pennetje op pad. Op moment dat ik denk aanbeet en sla stopt de pen. Toch een lijner? Daarna geen beweging meer. Ik fiets terug naar huis. Moet wennen aan de nieuwe omgeving. Polders liggen op meer afstand na de verhuizing, dit parkwatertje om de hoek. Evenwicht, altijd een thema. Pen staat te wiegen, gemaaltje staat aan. Met een meter of tien lijn uit, een niet te zware pen is het dan zoeken naar evenwicht. Evenwicht tussen loodverdeling, (over) diepte en lijn wel/niet in het water. Als het goed staat is er een wankel evenwicht. Pennetje dat af en toe even wordt meegevoerd en dan weer terugkomt. Geen visserij voor water met veel vuil. Dan is het simpelweg geen doen. Al snel beweging en een dril. Vis voelt goed, manier van haken niet. Lange dril met uiteindelijk de al verwachtte losser en de, ook al verwachtte, schub op de haak. Aiaiaiai, in een maand met weinig mogelijkheden komen de missers harder binnen. Gelukkig later op de avond een herkansing en nu wel goed gehaakt. December is daarmee veilig gesteld voor het ultieme doel; iedere maand minimaal een karper vangen. Later die week weer op pad. Voel weer wat ruimte om te investeren in visplannen na een geslaagde verhuizing. Dus op zoek naar nieuw evenwicht. Het is nog wankel. Gemiddeld tien minuten reistijd meer naar eigenlijk alle plekken waar ik graag kom. Voorvoermomenten die ik tot op de minuut kon plannen moeten vanuit een nieuwe context benadert worden. Wat makkelijk fietsend kon is nu ineens een eind verder weg. Wel wat andere mogelijkheden maar niet direct penpolderparadijsjes en ja, dan vind je jezelf dus terug tussen de flats. Ook wel zo z'n charme, dat gelukkig wel. Tweede december vis is ook meteen de laatste van het jaar. Wist ik toen nog niet, nu wel. Die twee vissen brengen me op een volgend thema. Het thema: waar blijven ze? Dit zijn beide vissen die één zomer hebben gezin in het water waar ze zijn uitgezet. Oké, misschien de spiegel twee? Andere avond, avond die nu al weer zo ver van me is verwijdert dat de herinneringen met een lichte sluier zijn omgeven. Water om de hoek bij mijn oude woning. Wilde nog een keertje naar die ontdekte plek om de hoek, soort afscheidt van de oude situatie. Blijkt dat er onder mijn neus al zeker vier jaar lang vis is uitgezet, nooit opgemerkt terwijl ik er bijna dagelijks met de hond wandel? Pas in de winter tussen 2023 en 2024 viel me op dat er vissen sprongen. Visbeurten leverde een reeks aan kleine spiegels op. Vis die ik inschat op één of twee zomers aanwezig, kijkend naar lengte en gewicht. Waar zijn die vissen die er al vier jaar gelden ingegaan zijn? Het zijn de jonge honden die altijd het snelst eruit komen. Dat merk ik in alle polders. Uitgaande van een bestand wat in een "normale" piramide vorm is opgebouwd (jongste leeftijdsklasse meest vertegenwoordigd, en dan per leeftijdsklasse hoger steeds minder vis) is het niet vreemd dat je meer "kleine" dan grote vangt. Maar een bestand gemaakt door uitzet heeft niet die natuurlijke piramide. Ja, er zal afname zijn maar die is minder sterk omdat (over het algemeen) er evenveel of eerder minder wordt uitgezet. De afname zal dan vooral zijn door de sterfte na uitzet, niet door natuurlijke selectie door bijvoorbeeld roofvis. Toch zie ik in al die uitzetpolders hetzelfde. De eerste twee jaren komen ze er heel makkelijk uit, daarna lijken ze soms totaal verdwenen. Deze laatste avond blijkt er weer uitzet te zijn geweest. Binnen de kortste keren twee minispiegeltjes. Hebben de plek in (en over?) genomen waar ik voor dit water voor de winter mijn geld op had ingezet (en ja, dus een mentaal kruisje door één van de vele plannetjes). Pas op een stek ver verwijdert van dit jonge geraas sla ik vast op iets wat massief voelt, een vis van één van de eerste uitzet jaren. Heb even teruggekeken. Ben er zes keer geweest. Altijd drie vissen of meer. Dit was de eerste van de langst zwemmende lichting. En nee, toen zijn er niet minder ingegaan. Wat voor conclusies kun je er nu uit trekken? Nou, hoe dan ook dat de vis na een paar jaar meer argwanend wordt, ook als er geen enkele hengeldruk aanwezig is. De verhuizing is dus achter de rug. Alles soepel verlopen, mag zeker geen klagen hebben. En ja, het is druk geweest en het is nog steeds druk. Ik besef me donders goed dat ik die druk zelf opleg; als ik wat in mijn kop heb dan zal het zo gaan. Dus het lijstje wat ik vooraf maakte van wat na de kerstvakantie af moest zal, zal af zijn. Had de gelukkige omstandigheid dat ik drie weken vrij kon nemen en had mijzelf voorgenomen ook wel een beetje van vakantie te genieten. Zo kan het dus gebeuren dat ik nog voor het eerste licht op eerste Kerstdag door een zompig weiland ploeg. Onderweg naar een stek. Wie weet wat het zal worden? Omdat we zo in het einde van het jaar zitten merk ik dat ik al ploegend stiekem een beetje teruggluur. Wat een jaar weer, qua vissen had ik me eigenlijk niet meer kunnen wensen. Na de zomervakantie is het wel schrapen geweest maar toch, als ik iets nauwkeuriger gluur zijn er genoeg momenten die vastgepind staan. Misschien wat minder vissen gevangen en zeker minder grote vissen dan in het eerste half jaar, maar mooie polders (her-) ontdekt. Prachtige, stille, verscholen penmomenten daar meegemaakt. Enige zure was dat twee van die polders beide niet bevisbaar zijn door werkzaamheden tijdens deze laatste maanden van het jaar. Had er wat wintervisserij gepland waar nu een streep doorheen moest. Voordat er van wintervisserij gesproken kon worden een aantal momenten met Hans samen in één van die polders gevist. Ik met mijn oude ogen, hij met zijn nieuwe. Twee totaal van elkaar verschillende avonden. De eerste stil en mysterieus, de tweede een avond waarop die polder zijn sluier afwierp. Dat wat mysterieus leek werd tastbaar. Om dat echt te benutten waren we er voor het mooie net te laat. Daarnaast ook hier jonge honden die als eerste de voerplek opstormen, geen ruimte geven voor de dikke hangbuiken die er ook (nog steeds) huizen. Ik mocht mijzelf beide avonden gelukkig prijzen met een verse, samen werden we blij van de groei die er in krap negen maanden was geweest; potentie noemen we dat. Zo typend op de laatste dag van het jaar is er dan toch vooral tevredenheid. Tevredenheid over de vangsten, de niet vangsten en het samenzijn met vismaten Hans en Michael.
In het nieuwe jaar maar op zoek naar nieuw evenwicht vanuit de nieuwe woning, waar één deur gesloten wordt gaat er altijd weer één open. Voor iedereen die meeleest; fijn nieuwjaar met mooie vangsten gewenst!
1 Comment
|
Ik ben......Andries Hoekstra. Trotse vader van twee kinderen en getrouwd met een fan-tastische vrouw. Vanaf mijn 16e vis ik gericht op karper, ondertussen alweer 26 jaar. Vissen gebeurt tussen het familieleven door en daarom vaak 's ochtends vroeg, 's avonds laat of 's nachts. Andere blog's:Categorieën
All
Archieven
February 2026
Contact: [email protected]
|
RSS Feed